Kika Notten

profielfoto.jpg

Kika_Notten_studie_Landgoed_Voorlinden.png 

Hier kunt u de uitnodiging downloaden en/of bekijken in pdf.

Interview met Kika Notten:

Je hebt kunstgeschiedenis gestudeerd, waarom heb je niet gekozen voor de kunstacademie?
Mijn tekenleraar op de middelbare school (Eppe de Haan, inmiddels succesvol beeldhouwer) raadde mij aan naar de kunstacademie te gaan, afdeling grafische technieken. Dat was voor mij toen echt een te ongewisse stap. Ik koos voor de - betrekkelijke - veiligheid van een academische studie en dus voor kunstgeschiedenis. Tijdens mijn studie genoot ik van het kijken naar prachtige kunstwerken, het voedde mijn ontzag voor kunstenaars maar ook de stiekeme wens zelf zoiets moois te kunnen maken. Na mijn studie kreeg ik een baan als conservator bij het KattenKabinet. Ik was verantwoordelijk voor alles wat nodig was voor de opening van dit kleine, bijzondere museum, het tentoonstellingsbeleid en later ook voor de verkoopgalerie. Een leuke baan waar op verschillende manieren een beroep werd gedaan op mijn creativiteit. Ik woonde en werkte in Amsterdam en had les in modeltekenen bij Luk van Driessche. Luk werd later directeur van de Wackers Academie, waar de nadruk ligt op technische kennis en ambachtelijke vaardigheden. Dat geeft aan dat ik bij hem op de goede plek was, het ambachtelijke heb ik altijd een heel belangrijk aspect van kunst gevonden en bepaalde waardoor ik werd aangetrokken door bepaalde kunstenaars en hun werk.


Later verhuisde ik met mijn man en onze oudste zoon naar Den Haag. Ik kreeg een baan bij Mecanoo architekten. Een enorm inspirerende en creatieve omgeving en daar groeide het besef dat ik ‘aan de verkeerde kant van de tekentafel ‘ zat. Ik wilde zelf deelnemen aan het creatieve proces! Inmiddels in verwachting van onze derde zoon volgde ik het oriëntatiejaar bij de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Het gevolg was dat ik de betaalde baan vaarwel zei en mij vanaf dat moment toelegde op mijn eigen creatieve ontwikkeling. Er volgde een periode van onderzoek bij welke techniek ik mij het meest thuis voelde. Met de aanbeveling van Eppe in mijn achterhoofd heb ik onder meer allerlei grafische technieken uitgeprobeerd, ben ik gaan pottenbakken en heb ik mozaïeken gemaakt in opdracht. Maar het boeide mij steeds onvoldoende…

Wanneer ben je begonnen met schilderen?
Ik besefte dat ik méér van mijzelf moest vragen. Ik had een stiekeme wens, echt goed schilderen. En daar had ik altijd in een boog omheen bewogen, onder andere door mijn studie vond ik schilderen alleen voor échte kunstenaars. Nu was ik op een punt dat ik dacht: nu of nooit. Het ging natuurlijk niet vanzelf. Ik heb heel specifiek schilderlessen genomen, bij Anja Jager en Caroline Gresnigt en vanaf dat moment mijn dagen helemaal ingericht rondom het schilderen. Met altijd een doek op de ezel en geen afleidende activiteiten, kwam ik er achter dat schilderen vooral ‘gewoon ‘ werken is. Ik ben ervan overtuigd dat iedereen zou kunnen creëren; tekenen, schilderen of wat dan ook, maar je moet het wel willen. Het is namelijk behoorlijk doorzetten; dagen lang in je eentje ploeteren, studeren, afstand nemen, schuren, herstellen, kijken, falen en balen, nadenken en weer doorgaan en dan soms dat moment waarop je weet: dit is goed! Dáár doe je het voor, het moment dat je weet dat iets hebt gecreëerd, dat er zonder jou niet was. Dat is toch ongelofelijk mooi!

Hoe ben je erop gekomen te schilderen met ei-tempera?
In het atelier van Anja Jager kwam ik in aanraking met ei-tempera, dat heeft mij gegrepen en niet meer losgelaten. Van Anja leerde ik alle basis vaardigheden. Die ben ik in mijn atelier gaan toepassen en langzamerhand ontwikkelde ik mijn eigen handschrift. Het komt denk ik doordat ik jarenlang heb getekend, dat deze techniek mij goed ligt. Het is schilderen maar je kunt heel precies en tekenachtig werken, pielen zeg maar. Ik teken bijvoorbeeld in de verf met een etspen. Daarbij is het een hele ambachtelijke en arbeidsintensieve techniek en ook dat past goed bij mij. Het begint al met het breken van een eitje, het mengen van de pure pigmenten, de fijne penselen waar ik mee werk. Je hebt geduld nodig, streek voor streek breng je de verf aan, pas na vele lagen wordt een schilderij interessant. En die gelaagdheid past ook weer erg goed bij mijn thema’s. In de natuur is alles laag over laag, bomen staan voor andere bomen, grassen voor een uitzicht, duinen achter het bos, het licht dat door de gebladerte wordt gefilterd en een wateroppervlak dat zoveel meer is dan alleen maar de oppervlakte. Daaronder bevindt zich van alles dat aan het oog wordt onttrokken maar dat wel doorwerkt in de tekening van het water. Daaroverheen ligt de spiegeling van de begroeiing langs het water en het oppervlakte beweegt natuurlijk ook nog, daar heb je al heel wat lagen te pakken!

Schilder je alleen landschappen?
Nee, ik schilder ook portretten. Toen ik begon met schilderen dacht ik dat ik alleen portretten zou gaan schilderen. Daar kom ik wel uit, dacht ik en dan wist ik ook meteen wát ik moest schilderen. Maar door het doek op de ezel, de dagen lang alleen aan het werk ontstonden er thema’s, dan ga je nadenken over van alles. Mijn eerste thema’s waren misschien wat intiemer, dat ging meer over gevoel, kwetsbaarheid, vrouwelijkheid en uniformiteit. Op een gegeven moment werden het landschappen. Dat heeft te maken met mijn jeugd, de plek waar ik opgroeide, Voorlinden in Wassenaar. Een prachtig natuurgebied waar ik als kind uren rondzwierf. Iedere keer als ik daar ben – mijn moeder woont er nog steeds – voel ik weer dat vrije gevoel van een onbezorgde jeugd. Ik denk dat ik daar heb leren kijken naar details in de natuur en die zie ik op heel veel plekken. Er is zoveel moois te zien, je moet het opmerken en dat wat ik zie wil ik dan vastleggen. Het is eigenlijk niet veel meer dan dat, ik schilder wat ik mooi vind en dat probeer ik zo goed mogelijk te doen. Niet door iets letterlijk na te schilderen, ik wil vooral sfeer en licht vastleggen. Compositie en vlakverdeling bepalen of een schilderij in meer of mindere mate een abstracte waarde krijgt. Ik ben daar niet persé naar op zoek, soms zit het er gewoon meer in.

Werk je met foto’s?
Ja, ik werk altijd met foto’s. Deze techniek leent zich niet om in de open lucht te werken. Daarom ga ik regelmatig op pad om foto’s te maken, want ik werk alleen met eigen foto’s. Als het licht mooi is, als het mist, als het vriest of sneeuwt of als ik toevallig ergens ben waar het mooi is. Mijn oog kan dan bijvoorbeeld ineens op een waterplas vallen waar een ander zo aan voorbij loopt maar waar ik dan meteen een schilderij in zie. Vervolgens kan zo’n foto eindeloos in mijn atelier rondslingeren voordat ik het aandurf die ook echt te gebruiken voor een schilderij. Het is namelijk niet letterlijk naschilderen, ik baseer mijn schilderijen op waargenomen beelden, maar daarna moet ik dat beeld transformeren tot een schilderij en dat kan behoorlijk afwijken. Het gaat er niet om of ik een mooie foto heb gemaakt, het moet een goed schilderij worden.

En die portretten?
Na mijn eerste expositie raadde een bevriende kunstenaar mij aan ook met olieverf te gaan werken. Na rondvraag kwam ik uit bij de technisch zeer kundige, Arjan van Gent. Van hem heb ik ontzettend veel geleerd en toen ben ik dan toch portretten gaan schilderen. Ik vind olieverf beter bij portretten passen, omdat je de verf kunt laten vervloeien waardoor je de werkelijkheid iets beter kun benaderen. En ja, ik maak dan ook foto’s, het zitten duurt voor een model zo lang. Vooral omdat ik vaak pubers schilder, die gaan al zuchten als ik net de verf op het palet heb. Ik wil ze wel live zien en studies maken en ik maak ook altijd zelf de foto waar ik mee werk.

Waarom schilder je landschappen niet met olieverf?
Juist omdat ik daarmee minder letterlijk de werkelijkheid benader. Zo creëer ik een sfeer die eigen is aan mijn landschappen.

Wat kunnen we nog van je verwachten?
Ik hoop in ieder geval heel veel schilderijen. Ik heb van 9 oktober tot 11 november een solo expositie bij Galerie Patries van Dorst. Daar ben ik heel blij mee, omdat het een prachtige galerie is en ik denk dat mijn werk daar, tussen al die hoge bomen van Kasteel de Wittenburg, heel erg goed op zijn plaats is. Ik heb geen idee of mijn werk zo landschappelijk blijft als het nu is, en ook niet of ik altijd met tempera zal blijven werken. Nu voelt net nog goed en daagt het mij nog steeds meer dan voldoende uit. De afwisseling met portretopdrachten werkt ook goed. Maar het zal zeker interessant zijn nog eens iets heel nieuws te onderzoeken… het mooie van dit vak is dat je nooit klaar bent, er is altijd nog iets te ontdekken en te leren!

 

HIERONDER EEN OVERZICHT VAN (EEN DEEL) VAN HAAR NIEUWSTE WERK WAT OP DE EXPOSITIE TE ZIEN ZAL ZIJN EN VERKRIJGBAAR IS.

 

loading images...

Stay informed about this artist? Subscribe here to our newsletter and / or join us on Facebook.

Op onderstaande foto's, gemaakt in chronologische volgorde, is goed te zien in heoveel lagen Kika werkt om het uiteindelijke resultaat te behalen.

  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb

Onderstaand een foto impressie van de feestelijke opening van Langs de paden van mijn vader... - Kika Notten en In the spotlight - Henk Jan Sanderman.

Foto’s, met dank aan: Gualtiero Buonamassa  digitaliapressfoto@gmail.com (foto's in hoge resolutie kunt u bij ons opvragen)

  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb
  • thumb